
Het Kabinet heeft besloten om waarschijnlijk per 2013 te komen met een vitaliteitsregeling.
Deze regeling introduceert maatregelen om de inzetbaarheid en de mobiliteit van personeel te vergroten.
Deze regeling was al bij het regeerakkoord aangekondigd en komt in plaats van de spaarloonregeling en de levensloopregeling. De contouren van de wet zijn nu enigszins bekend. In een brief van 4 juli 2011 ASEA/SAS/2011/11971 heeft hem Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid hier een aantal zaken toegelicht.
De volgende maatregelen worden voorzien:
• Voor de medewerker: een doorwerkbonus voor 62-plussers, vooral voor hen die een laag inkomen hebben.
• Voor de werkgever: Een werkbonus wordt onderzocht, zodat ouderen langer in dienst gehouden kunnen worden
• Voor de werkgever: een mobiliteitsbonus voor het in dienst nemen van 55-plussers, deze wordt verhoogd wanneer er een uitkeringsgerechtigde wordt aangenomen
• Voor de werkgever: verlaging van de fiscale drempel voor aftrek van scholingskosten.
• Speciaal aandacht voor intersectorale scholing via O&O-fondsen. Het kabinet is bereid hierin bij te dragen
• Stimuleren van-werk-naar-werk (VWNW). Hiertoe wordt een NWNW-budget ingevoerd. Dit is een individueel leerrecht te realiseren via O&O of (nieuwe) CAO-fondsen. De medewerker kan het budget dan besteden aan (om)scholing.
• Er komt een spaarregeling waarmee deelnemers een financiële buffer kunnen opbouwen. Deze periode kan gebruikt worden als aanvulling op een periode met inkomensachteruitgang door bijv. WW.
Deze spaarregeling is niet bestemd om vervroegde uittreding te financieren. Voor de nu nog bestaande levensloopregeling komt een overgangsregeling. De nu nog bestaande spaarloonregeling gaat in deze nieuwe spaarregeling op.
Meer info over de vitaliteitsregeling >>